Journalist Bram Janssen

Diepe dalen van een kampioen


Dit verhaal werd gepubliceerd in The Daily Dutch. Dit verhaal schreef ik samen met Diederik van Zessen.

Waar andere zwemsters dag en nacht met hun sport bezig waren, had Inge De Bruijn genoeg aan haar talent. Nooit had ze echt hard getraind, dat was voor haar niet nodig. Dacht ze. Maar talent alleen bleek niet genoeg.

Vóór de Spelen in Atlanta van 1996 raakte ze in een dip. Het olympisch zwemtoernooi volgde ze thuis huilend voor de tv. Ze had niet alles eruit gehaald wat erin zat. De Bruijn, die vandaag haar 35ste verjaardag viert, ging in quarantaine bij de Amerikaanse trainer Paul Bergen, om vervolgens terug te komen als de grootste olympisch kampioen die Nederland ooit heeft gehad.

Ze was de ongekroonde koningin van de Spelen in 2000 door drie keer goud en een keer zilver te winnen. In Sydney zwom ze drie wereldrecords. De tijd die ze op de 100 meter vlinderslag zwom is het oudste wereldrecord in het zwemmen. In Athene won ze een keer goud, een keer zilver en twee keer brons.

Je bent nu de grootste olympiër aller tijden. En dat voor iemand die zo laat op gang kwam.
Sinds mijn achttiende stond ik al in de top tien van de wereld. Het was wel moeilijk om aansluiting te vinden bij de senioren. Maar het lukte met goud op de Spelen, bij de EK en WK. Ik stond weliswaar in de top tien, maar nooit de ultieme top.

Je carrière kende een dip.
1996 was een zwarte bladzijde. Maar ik ben daar veel sterker van geworden. Omdat ik toen besefte dat ik nog niet klaar was waarmee ik was begonnen; ik had nog niet alles eruit gehaald wat er in zat.

Je zei af voor de Spelen van 1996. Dat werd je niet in dank afgenomen.
Nee, maar voor mij was het de beste keuze. Als ik had meegedaan, had ik mijn vaderland geen goed gedaan. Ik was niet gemotiveerd, ik voelde me niet waardig genoeg om Nederland te vertegenwoordigen.

Voelde je je schuldig op dat moment?
Niet schuldig, het heeft me wakker geschud. Ik ben daarna naar Amerika gegaan om het negatieve achter me te laten en het plezier weer terug te vinden. Dat is zo belangrijk.

Waarom was Amerika zo goed voor je carrière?
Daarvoor kon je mij een duwtje geven en had ik al verloren voordat ik het water had aangeraakt. Later, in Sydney, dacht ik: kom maar op. Ik ben er klaar voor. Ik heb er in Amerika alles voor gedaan, alles voor gelaten. Ik heb mijn vaderland toen verlaten, mijn familie. Heimwee tot en met. Ik heb daar huilend met mijn tweelingzus aan de telefoon gezeten. Ik heb momenten gehad dat ik naar huis wilde. Toen mijn opa overleed mocht ik niet naar de begrafenis. Dat gaat heel ver. Nu kan ik die trainer zijn voeten kussen. Ik heb alles aan hem te danken.

Wat heb je van hem geleerd?
Ik werd door hem niet op een platform gezet, zoals in Nederland vaak gebeurde. Kritiek, dat werkt echt motiverend. Niet bedolven worden onder complimentjes. Ik kreeg in Amerika één complimentje in de drie maanden. Die schreef ik dan in mijn logboek met een big smiley face eronder, dan had ik hem echt verdiend. Je moet ervoor werken, je moet ervoor willen gaan.

Is dat het verschil tussen jou en de huidige generatie? Jij won tenslotte wel alles.
De huidige generatie is juist veel professioneler bezig. Ik teerde op mijn talent en zwom mijn baantjes. Ik dacht niet na. Zij zijn continue aan het nadenken. Alles wordt tot in detail uitgezocht. Want iedereen kan hard zwemmen, maar het komt nu aan op details. Je ziet wat het verschil is tussen goud, zilver en brons. Of de vijfde plaats. Dat verschil is nihil.

Zie jij jezelf ooit terug als trainster?
Nee, ik zou een hele slechte trainster zijn. Ik hou erg van de harde aanpak en gezag. Dat een coach mij vertelt wat ik moet doen, dan functioneer ikzelf het beste. Ik denk dat ik te lief zou zijn. Als een zwemmer tegen mij zou zeggen: ik heb hoofdpijn, zou ik zeggen: joh, ga maar lekker naar huis. Ik wil wel graag clinics geven en mijn ervaringen overbrengen op jonge, onbevangen zwemmers. Ik wil de ruwe diamanten.

Je hebt regelmatig contact met de zwemsters van nu. Leer je hen nog iets?
Ik heb Marleen na de 100 vrij gesproken. Die wedstrijd was voor haar teleurstellend en ze was erg boos. We hebben samen gehuild. Ik was geëmotioneerd omdat ik het haar zo gun. De vorm is er, je weet wat zij kan, maar het komt er niet uit. Dat vind ik zo jammer, vandaar ook de tranen bij Marleen. Je moet eerst barricades trotseren voordat je daadwerkelijk kampioen wordt.

Is Marleen Veldhuis jouw opvolgster?
Ze heeft wel mijn wereldrecord afgepakt. Maar kampioen worden gaat niet over een nacht ijs. Het is een leerproces en dat is bij haar zichtbaar groeiende. Voor mij was het heel mooi dat zij eerder dit jaar bij de EK in Eindhoven mijn wereldrecord afpakte. Het was echt het moment dat ik het stokje overgaf aan de nieuwe generatie. Toen heb ik haar de gouden medaille mogen overhandigen. Als je zelf nog actief bent en je record wordt afgepakt, dan is het frustrerend. Maar ik ben vier jaar geleden gestopt. Dan is het mooi dat het in Nederlandse handen blijft.

Wat maakt de Spelen zo bijzonder?
De Spelen zijn met niks te vergelijken. Het is een different ball game. Als je op een EK of WK wint: top. Maar de Olympische Spelen zijn het hoogst haalbare voor een zwemmer.